Arbeidsrecht

Een werknemer kan instemmen met de opzegging door de werkgever. Dat moet dan wel schriftelijk gebeuren, en de werknemer heeft na die schriftelijke instemming een wettelijke bedenktijd om op de instemming terug te komen.

Opzegging met instemming

Als een werknemer niet (schriftelijk) instemt met de opzegging of de werkgever besluit geen opzegging met instemming te vragen, kan de werkgever de arbeidsovereenkomst alleen rechtsgeldig door opzegging beëindigen als het UWV of de cao-commissie daar eerst toestemming voor heeft gegeven.

Schriftelijkheidseis bij opzegging met instemming

De schriftelijkheidseis is bedoeld om zekerheid te hebben over de instemming, in de zin van ‘het eens zijn met’. Toch blijkt uit de parlementaire geschiedenis dat een schriftelijke berusting in de opzegging ook voldoende is. Voor een rechtsgeldige opzegging met instemming is het dus voldoende dat een werknemer schriftelijk bevestigt de opzegging te accepteren.

Let op

Als de werknemer instemt met de opzegging is hij niet verwijtbaar werkloos. Dit houdt in dat het UWV, mits voldaan is aan de overige voorwaarden voor het recht op een WW-uitkering, de uitkeringsaanvraag niet zal afwijzen vanwege het feit dat is ingestemd met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

Bedenktijd

Als de schriftelijke instemming is verleend, kan de werknemer daar binnen veertien dagen schriftelijk op terug komen en de instemming ‘herroepen’. Een reden voor een herroeping hoeft de werknemer niet te geven. Het gevolg van de herroeping is dat de opzegging geacht wordt niet te hebben plaatsgevonden. De arbeidsovereenkomst loopt in dat geval dus door alsof de opzegging er niet is geweest. De gedachte achter het recht op herroeping is het bieden van een algemene vorm van bescherming aan werknemers tegen psychische druk, en zodat gelegenheid bestaat tot het inwinnen van deskundig advies.

Let op

De werkgever is verplicht de werknemer uiterlijk twee dagen na instemming schriftelijk te wijzen op het recht die opzegging met instemming te herroepen. Doet de werkgever dat niet, dan bedraagt de termijn voor herroeping automatisch drie in plaats van twee weken.
Uitzondering op herroepingsopzegging met instemming

Op het recht de instemming te herroepen, geldt één uitzondering. Als binnen zes maanden na een herroeping van de instemming opnieuw wordt ingestemd met een opzegging, geldt het recht op herroeping niet. Met andere woorden: een werknemer kan eenmaal per zes maanden terugkomen op een instemming met de opzegging van de arbeidsovereenkomst. Een herroeping van de instemming bij een opzegging binnen zes maanden na een eerdere herroeping heeft dus geen gevolg voor de opzegging. De opzegging blijft in dat geval gehandhaafd en de arbeidsovereenkomst eindigt dan na het verstrijken van de opzegtermijn.

Let op

Deze uitzondering geldt ook als sprake is geweest van een buitengerechtelijke ontbinding van een beëindigingsovereenkomst met een beroep op de in dat geval geldende bedenktermijn. Deze buitengerechtelijke ontbinding wordt op één lijn gesteld met de herroeping van de instemming bij opzegging. Het komt er in het kort op neer dat een werknemer één keer per zes maanden terug mag komen op de instemming met een opzegging of de ondertekening van een beëindigingsovereenkomst.

Voorbeeld

Het bedrijf Jansen en haar werknemer De Vries gaan op 10 augustus 2015 een beëindigingsovereenkomst aan. In deze overeenkomst wordt niet vermeld dat De Vries het recht heeft de overeenkomst schriftelijk te ontbinden. Op 28 augustus 2015 krijgt De Vries spijt van de beëindigingsovereenkomst en leest hij op internet dat hij, omdat de bedenktijd niet in de overeenkomst vermeld is, drie weken de tijd heeft om de beëindigingsovereenkomst schriftelijk te ontbinden. Nog diezelfde dag maakt De Vries van deze mogelijkheid gebruik door bij zijn werkgever een brief af te geven.

Vier maanden later, op 5 december 2015, zegt bedrijf Jansen de arbeidsovereenkomst met De Vries op omdat er geen werk meer voor hem is. De Vries had dat al gemerkt, en hij stemt op 7 december 2015 schriftelijk met de opzegging in. Op 8 december 2015 ontvangt De Vries een brief van Jansen waarin hij wordt gewezen op de mogelijkheid om zijn instemming te herroepen binnen 14 dagen. Op 23 december 2015 besluit De Vries dat hij toch graag bij Jansen in dienst blijft en hij stuurt nog diezelfde dag een brief aan bedrijf Jansen waarin hij zijn instemming herroept. De Vries is dan echter te laat en de opzegging leidt tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

Let op

In Nederland geldt de zogeheten ‘ontvangsttheorie’. Het is een verklaring die tot een bepaalde persoon is gericht, en heeft pas werking indien de verklaring die persoon heeft bereikt. Verzending is dus niet voldoende; de persoon tot wie de verklaring is gericht, moet daarvan daadwerkelijk kennis (kunnen) hebben genomen. Zowel voor het schriftelijk wijzen op het recht op herroeping (door de werkgever) als de schriftelijke herroeping zelf (door de werknemer) geldt dus dat deze pas geldt op het moment dat deze de ontvanger heeft bereikt.

Wanneer een verzoek bij het UWV (of de cao-commissie) of een verzoekschrift bij de kantonrechter is ingediend en er is ook aan de werknemer(s) gevraagd om met de opzegging in te stemmen, is het raadzaam na instemming te wachten met intrekking van het verzoek of verzoekschrift totdat de bedenktijd van twee (of drie) weken is verstreken.
Een beding in de arbeidsovereenkomst waarbij het herroepen van instemming of ontbinding van de beëindigingsovereenkomst is uitgesloten of beperkt, is niet rechtsgeldig. Een dergelijk beding in de arbeidsovereenkomst heeft dus geen effect.

jurist Zoetermeer, juridisch advies Zoetermeer, rechtsbijstand Zoetermeer, juridisch adviseur, adviseur recht