Als je eenmaal een belastingcontrole krijgt, wat kun je dan verwachten? Moet je alles maar accepteren? Nee, je hoeft niet alles te accepteren. De Belastingdienst moet zich ook houden aan de spelregels. Maar het begint allemaal met jouw verplichting om de aangifte “duidelijk, stellig en zonder voorbehoud” in te vullen. Als je ondernemer bent, heb je bovendien een administratieplicht, je moet dan een goede boekhouding hebben. Maar ook je als geen ondernemer bent, moet je behoorlijk wat papierwerk laten zien dat van belang kan zijn voor het beoordelen van de aangifte. Denk daarbij aan bankafschriften, brieven, vliegtickets, notulen, agenda’s, rapporten… et cetera.

De Fiscus heeft vergaande bevoegdheden voor een belastingcontrole.De belastinginspecteur mag veel onderzoek doen en veel vragen stellen. Zij mag dat schriftelijk doen of in een gesprek. Een onderzoek moet worden aangekondigd, de inspecteur kan niet opeens bij jou aanbellen. In zo’n onderzoek kunnen vragen worden gesteld  als: “Je hebt ziektekosten afgetrokken, maar heb je die uitgaven wel gedaan?” Of: “Je bent eigenaar van die vakantiewoning, maar waarom heb je die niet opgegeven?” De fiscus mag ook onderzoek doen naar jouw belastingzaken bij anderen. Zo mag de inspecteur bij een fabrikant een factuur opvragen die jij hebt opgevoerd als aftrekpost.

Wat mag gevraagd worden bij een belastingcontrole?

De vragen die de belastingdienst stelt moeten duidelijk zijn en ondubbelzinnig worden geformuleerd. De ambtenaar mag vragen naar feiten, niet naar meningen of beschouwingen. Vragen als: “Wat vind je daarvan?” of “Kun je uitleggen waarom dat een box 3-pand is?” hoef je niet te beantwoorden. De feiten moeten van belang zijn voor de belastingheffing.

Het probleem is dat een bepaalde kwestie al snel van belang kan zijn. Als het belang niet direct duidelijk is, moet de inspecteur dat op jouw verzoek kunnen uitleggen. Als je niet direct het antwoord op een vraag weet, moet je de tijd krijgen om de gevraagde informatie te verzamelen. Laat je niet onder druk zetten.

Bevoegdheid bij belastingcontrole toch beperkt

De bevoegdheid om vragen te stellen is beperkt door de wet en door ‘de algemene beginselen van behoorlijk bestuur’.

Om de informatie moet worden gevraagd – je bent dus niet verplicht om spontaan gegevens te verstrekken, alleen “desgevraagd” (zoals in de wet staat). Doe je dat toch, dan mag die informatie wel worden gebruikt. Maar pas op: in sommige situaties ben je juist wel verplicht om de fiscus op de hoogte te stellen. Dat is vooral belangrijk voor ondernemers, die hebben een informatieplicht die ver kan gaan.

Een voorbeeld van een ‘beginsel van behoorlijk bestuur’ dat van toepassing kan zijn, is het vertrouwensbeginsel. Stel dat een ambtenaar twijfelt over een bepaalde aftrekpost, maar een paar jaar geleden waren over datzelfde onderwerp ook al vragen gesteld aan jou. Uiteindelijk ging de inspecteur toen akkoord. Dan mag jij erop vertrouwen dat de discussie is gesloten en dat die aftrekpost ook dit keer wordt geaccepteerd.

Snuffelverbod

Aparte vermelding verdient het snuffelverbod, alleen al om de naam. Hierboven stond dat je “desgevraagd” informatie moet geven, je moet specifieke vragen beantwoorden. De inspecteur mag niet op eigen houtje op onderzoek uitgaan om gegevens te verzamelen. Zij mag niet eigenmachtig allerlei laden en kasten opentrekken of jouw werkkamer betreden op zoek naar interessante documenten. Het wordt anders als je hebt gezegd waar de ordners staan die belangrijk zijn, dan heb je eigenlijk toestemming gegeven.

Moet je alle gevraagde informatie geven?

In fiscale zaken heb je in principe geen zwijgrecht, maar er zijn uitzonderingen – als duidelijk is dat je een boete zult krijgen omdat je de belastingaangifte verkeerd hebt ingevuld, ben je niet verplicht om te antwoorden. De rechter heeft namelijk geoordeeld dat dan het strafrecht van toepassing is, inclusief het zwijgrecht dat een verdachte altijd heeft.

Als je blijft weigeren om vragen voldoende te beantwoorden, kan de fiscus een informatiebeschikking afgeven. Daarmee wordt de bewijslast omgekeerd en verzwaard. Dat betekent dat jij moet bewijzen hoe de vork in de steel zit. Als de belastingdienst een aanname maakt, moet jij het tegendeel bewijzen. Dat kan voor ingewikkelde situaties zorgen. Gelukkig kun je daartegen bezwaar maken. HelloLaw kan jou koppelen aan een specialist om dit voor jou te doen.

De inspecteur en/of de ontvanger die zich niet aan de regels houdt

Als de belastinginspecteur zich niet houdt aan de regels, ben je niet machteloos. Jouw aangifte zal misschien worden gecorrigeerd. Dat betekent dat je meer belasting moet betalen dan je had verwacht. Je kunt dan bezwaar maken tegen die nieuwe aanslag. In jouw bezwaarschrift kun je ook opnemen dat het gedrag van de inspecteur in jouw ogen onbehoorlijk was. Of dat leidt tot het terugdraaien van de nieuwe aanslag, is natuurlijk afhankelijk van de situatie.

Jouw bezwaar moet worden behandeld door een andere ambtenaar dan de ambtenaar die in eerste instantie jouw aangifte onderzocht. Als jouw rechten zijn geschonden, dan heb je misschien recht op een nieuwe beoordeling van jouw aangifte. Als het gedrag van de inspecteur echt de spuigaten uitloopt, kun je bij de Belastingdienst een klacht indienen. Je kunt je ook wenden tot de Ombudsman. Maar die zal jouw klacht pas in behandeling nemen als je eerst hebt geklaagd bij de Belastingdienst.

Bezwaar maken

Zo’n belastingcontrole kan een behoorlijke pil zijn – je moet antwoord geven op de gestelde vragen, de informatie geven die de belastingdienst van jou verlangt en je kunt zelfs te maken krijgen met een situatie waarin jij moet bewijzen dat het niet klopt wat de belastingdienst aanneemt. Gelukkig zijn de bevoegdheden van de fiscus ook beperkt en kun je bezwaar maken als deze zich niet aan de regels houdt.

Bron:Arnoud van Dalen

wet en regelgeving 2020, Overheid,juridische ondersteuning, gerecht, rechtbank 2020, ,jurist Zoetermeer, juridisch advies Zoetermeer, rechtsbijstand Zoetermeer, juridisch adviseur, adviseur recht