wet en regelgeving, Juridische hulp, jurist zoetermeer, juridisch advies, juridisch adviseur, juridische zaken, juridische diensten, particulier jurist, zakelijk jurist, ondernemers jurist, mkb jurist, werkgevers jurist, juridische bijstand, juridisch bijstaan,

Stichting vs vereniging

De Verschillen

1. Verschillen tussen een stichting en vereniging

Vaak wordt een beroep gedaan op een vrijwilliger om deel te nemen aan het bestuur van een vereniging of van een stichting. Het is van belang om te weten dat er verschillen bestaan tussen een stichting en een vereniging. Dit blijkt ook uit het feit dat op stichtingen een ander deel van het burgerlijk wetboek (boek 2, Titel 5) van toepassing is dan op verenigingen (boek 2, Titel 2). Hiermee wordt verklaard dat de eisen aan statuten van een stichting anders zijn dan die van een vereniging.

2. Verantwoorden

Een stichting heeft ingevolgde de wet een ledenverbod, dus geen leden. Bij een stichting worden de bestuurders door het bestuur gekozen. Strikt genomen is er dan ook geen controle bij een stichting. Het bestuur bepaalt zelf wat zij doet en is aan niemand verantwoording schuldig. Houdt het bestuur zich niet aan de wet en regelgeving, dan zal zij zich bij de rechter moeten verantwoorden. Wel zijn er vaak andere partijen, zoals donateurs of subsidieverstrekkers die geïnformeerd willen worden. Het komt dan ook voor dat de geldverstrekkers de aanwezigheid van een Raad van Toezicht eisen.

Een vereniging heeft wel leden en het bestuur moet aan de leden verantwoording afleggen. De leden kiezen de bestuurders en de bestuurders moeten verantwoording afleggen aan de leden. Leden mogen gebruik maken van de voorzieningen van de vereniging, hebben stemrecht in de ledenvergadering. Zo kan gezamenlijk controle worden uitgeoefend op het bestuur. Minimaal eenmaal per jaar moet het bestuur verantwoording afleggen aan de ledenvergadering.

3. Statuten wijzigen

Het verschil tussen een stichting en een vereniging, blijkt ook uit het dat het bestuur van een stichting, de statuten zelf kan wijzigen waarna een en ander geformaliseerd wordt door een notaris. De statuten van een vereniging kunnen alleen door een Algemene Ledenvergadering worden gewijzigd.

4. Aansprakelijkheid

Bestuurders van een stichting kunnen in principe niet privé aansprakelijk worden gesteld, mits er geen sprake is van onbehoorlijk bestuur.

Betreffende de aansprakelijkheid bij een vereniging, moet onderscheid gemaakt worden tussen een vereniging met een volledige rechtsbevoegdheid en een vereniging met een beperkte rechtsbevoegdheid.
• Een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid (formele vereniging) heeft statuten die zijn opgesteld door een notaris. De bestuursleden zijn in beginsel niet persoonlijk aansprakelijk tenzij sprake is van onbehoorlijk bestuur.
• Een vereniging met een beperkte rechtsbevoegdheid (informele vereniging) heeft geen statuten die door een notaris zijn opgemaakt. Wanneer een informele vereniging niet is ingeschreven bij de KvK, dan is diegene die naast de vereniging, namens de vereniging optreedt, hoofdelijk aansprakelijkheid voor zijn handelen. In dat geval kan een schuldeiser nar eigen keuze de vereniging of de bestuurder aanspreken.

5. Zijn bestuurders nooit aansprakelijk?

Zoals aangegeven zijn bestuurders van een stichting of van een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, in beginsel niet privé aansprakelijk voor gedragingen van de stichting of vereniging. Dat is alleen anders indien sprake is van wanbestuur. Alleen in dat geval bestaat aansprakelijkheid voor bestuurders.

Het is voor een curator of een schuldeiser niet makkelijk om aan te tonen dat van wanbestuur sprake is. Bij een stichting of vereniging die zich in de non-profit sector begeeft, is de bewijslast die op bestuurders ligt om aan te tonen dat niet van wanbestuur sprake is, minder zwaar dan bij vennootschappen. Hierbij is het ook van belang of het bestuur wordt gevormd door vrijwilligers of niet.

6. Wanneer is er sprake van bestuursaansprakelijkheid?

Er sprake van wanbestuur en zijn de bestuurders hoofdelijk aansprakelijk wanneer de bestuurder bewust heeft aangestuurd op een faillissement en/of de uit de statuten voortvloeiende verplichtingen niet is nagekomen, bijvoorbeeld:

    • het bestuur van een stichting of vereniging vergadert nooit en maakt van vergaderingen geen notulen op;
    • de jaarstukken van een stichting of vereniging worden niet opgemaakt;
    • een stichting of vereniging dekt zich niet (tijdig) in tegen duidelijk voorzienbare financiële risico’s;
    • het bestuur van een stichting of vereniging vergewist zich onvoldoende van de kredietwaardigheid van een contractspartner.

7. Collectieve aansprakelijkheid

Wanneer bestuursaansprakelijkheid wordt vastgesteld, is het gehele bestuur collectief en hoofdelijk aansprakelijk. Dit houdt in dat een bestuurder ook aansprakelijk kan worden gesteld voor gedragingen van collega. Dat bestuurders dan ook hoofdelijke aansprakelijk zijn betekent dat alle schade op één bestuurder kan worden verhaald. Het is in dit verband erg belangrijk dat gewezen bestuurders zich laten uitschrijven uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Zo kan voorkomen worden dat men aansprakelijk is voor gedragingen waarvan men geen enkele weet heeft.